Zwitserland

Lagginhorn – de ideale 4000m top voor beginnende alpinisten

AFSTAND

6.7 kilometer

GESCHATTE TIJD

8u & 30 min

HOOGTEMETERS

1.044 meter

START HOOGTE

3.136 meter

HOOGSTE PUNT

4.010 meter

MOEILIJKHEIDSGRAAD

Alpien – Eenvoudig (PD)

De Lagginhorn is een vierduizender in het Zwitserse Wallis die je kunt beklimmen zonder een gletsjer over te steken. Dat neemt niet weg dat de beklimming nog steeds spectaculair is en het uitzicht waanzinnig. De Lagginhorn is daarom een van de 4000’ers die je kunt beklimmen met beperkte ervaring in het alpinisme. Het is voor ons de tweede vierduizender die we beklimmen in de alpen en een waar avontuur! Maar voordat we kunnen beginnen aan de beklimming, gaan we eerst naar de Hohsaas hut.

Omhoog naar de Hohsaas Hütte

AFSTAND

6.7 kilometer

GESCHATTE TIJD

8u & 30 min

HOOGTEMETERS

766 meter

START HOOGTE

2.401 meter

HOOGSTE PUNT

3.136 meter

MOEILIJKHEIDSGRAAD

Hiken – Eenvoudig (T2)

We verblijven deze week in het Saas-fee met Ron en Rens. Zij zijn deze week onze tochtgenoten en met hen beklommen we een dag eerder al de Allalinhorn. Na deze succesvolle beklimming zochten we een iets minder drukke vierduizender op en ons oog viel al snel op de Lagginhorn. Nu lopen we in Saas-fee naar onze auto toe en zien we de berg recht voor ons liggen. Ons doel is om de normaalroute over de zuidgraat te volgen. Vanuit het dal ziet deze er toch al aardig steil en spectaculair uit. In de wetenschap dat dit het er vaak weer beter uitziet zodra we dichterbij komen stappen we in de auto en rijden we richting Saas-Grund.

Vanaf Saas-Grund gaat er namelijk een kabelbaan omhoog. Je kunt vanaf het tussenstation naar de Weismiesshütte lopen en vanaf daar de zuidgraat beklimmen. De tocht is dan ongeveer 1275 hoogtemeters. Ons doel is echter om te starten vanaf het eindstation bij Hohsaas op 3.200 meter hoogte. Vanaf hier moeten we een heel stuk traverseren, maar het aantal hoogtemeters is dan 1050. Omdat we verwachten veel te moeten klauteren houden we het aantal hoogtemeters namelijk het liefst beperkt.

Het zicht op de zuidgraat van de Lagginhorn is zowel mooi als intimiderend. Voortdurend vragen we ons af of we de hele klim op tijd kunne maken.

We willen ook zoveel mogelijk tijd hebben voor de beklimming, want we weten niet goed wat ons tempo zal zijn als we al deze hoogtemeters moeten klauteren. Daarom slapen we in de Hohsaas hütte op 3.200 meter hoogte en vertrekken we de volgende dag vroeg in de ochtend. Nu kunnen we natuurlijk gewoon de kabelbaan nemen direct naar de Hohsaas hütte, maar het lijkt ons toch fijner om vandaag nog een stukje te wandelen. En dus lopen we even later het tussenstation uit en lopen we vanuit hier de 750 hoogtemeters naar de hut. Onderweg hebben we goed zicht op de Lagginhorn, de zuidgraat en de traverse die we willen maken. Het zicht is zowel mooi als intimiderend. Voortdurend vragen we ons af of we de hele klim op tijd kunnen maken.

Lagginhorn
De Lagginhorn (4.010m) rechts, met naar links de zuidgraat die we de volgende dag zullen beklimmen.

Na 2 uur rustig aan wandelen komen we aan bij de Hohsaas hütte. Het is een zeer moderne hut en dat ziet er vanaf de buitenkant niet heel charmant uit. De grote panoramische ramen bieden een prachtig uitzicht op de Weismiess, de andere populaire vierduizender die hier ligt. De beklimming van de 4.017 meter hoge Weismiess vanuit de Hohsaashütte is normaalroute, maar het is nu vrij rustig met klimmers. De route die langs grote seracs over de gletsjer loopt is namelijk zeer gevaarlijk en instabiel door het steeds warmere weer. In de Hohsaas hütte zijn ook veel dagjesmensen want de kabelbaan ligt recht naast de deur. Gelukkig wordt het aan het einde van de dag een stuk rustiger. Er blijven ongeveer 12 mensen overnachten in de hut, waarvan de helft de Weismiess op gaat. De vriendelijke huttenwaard neemt ons nog even mee naar buiten om de route van de traverse uit te leggen. Hij wijst ons op een heel klein sneeuwveldje in de verte waar we op af moeten koersen. Met die informatie gaan we naar bed en bereiden we ons voor op een lange dag.

Hohsaas Hütte
Uitzicht vanaf de Hohsaas Hütte

Traverseren naar de noordwestgraat

Die dag begint al om half 6. We zijn redelijk vroeg vertrokken, maar willen ook niet al te lang in het donker lopen. Met onze koplampen zoeken we naar de steenmannetjes die de weg aan moeten geven naar de eerste bergrug. Vaak vind iemand het spoor om die te volgen en vervolgens weer kwijt te raken. De persoon die daarachter loopt vind vervolgens weer het juiste steenmannetje en volgt dat tot hij of zij verkeerd loopt. Zo zoeken we de eerste drie kwartier onze weg totdat het aanzienlijk lichter wordt. We klauteren omhoog over de eerste bergrug en zien dan de Lagginhorn, de zuidgraat en de traverse die we moeten maken.

Het weer is vandaag niet super. De Lagginhorn ligt goed in de wolken en het waait best wel hard. We hopen dat het nog op gaat klaren en voor nu ziet er niets anders op dan onze weg te vervolgen. In de verte zien we het sneeuwveld dat de huttenwaard een dag eerder heeft aangewezen. Het is nog niet veel groter geworden, maar het geeft ons goede houvast waar we naartoe moeten. Zonder die informatie zouden we het (los van onze GPS) eigenlijk niet weten. De oude traverse route gaat namelijk relatief snel omhoog naar de graat, maar deze route is niet meer toegankelijk in verband met steenslag. De nieuwe route loopt veel meer horizontaal om de steenslag te vermijden en gaat dan ook een stuk lager de graat op.

We steken het puinveld over en richten ons op het kleine sneeuwveld. Stiekem lopen we nu niet over een puinveld, maar een gletsjer. Af en toe zien we wat stukken ijs die de werkelijke ondergrond weergeven, maar door het vele puin heb je het bijna niet door. De (nieuwe) opgang van de zuidgraat naar de Lagginhorn wordt aangewezen met een rode stok als herkenningspunt. Pas op het laatste moment zien we deze staan, vlakbij het sneeuwveld. Vanaf hier volgen we een smal gruispad langs kleine steenmannetjes. Om 7 uur staan we op de graat en kunnen we echt beginnen aan de klim naar de top van de Lagginhorn.

Tijdens de traverse van Hohsaas naar de zuidgraat van de Lagginhorn, met Saas-fee op de achtergrond.

Spectaculaire klim naar de Lagginhorn

De zuidgraat van de Lagginhorn is relatief breed. Op de meeste plekken kunnen we de steenmannetjes en het zigzagpad volgen. Op sommige plekken wordt het wat smaller en houden we vooral de rechterkant van de graat aan. Dan is het oppassen dat we niet te ver af zakken en weer op tijd terugklauteren naar het midden van de graat. Er zijn vaak meerdere wegen die goed zijn om te volgen, maar het is vaak zoeken naar de meest efficiënte route waarbij we zo min mogelijk moeten klauteren. Ons tempo is echter goed en met veel vertrouwen houden we het juiste schema aan dat we een dag eerder hebben besproken.

Tijdens het beklimmen van de zuidgraat moeten we vooral zelf onze route zoeken.

Vanaf 3.500 meter wordt het wat serieuzer en klimmen we wat meer direct omhoog. Volgens de topo is de moeilijkheidsgraad PD en daarmee moeilijker dan bijvoorbeeld de Fineilspitze die we eerder beklommen. Dat vinden wij juist andersom en waar we op de Fineilspitze echt touw nodig hadden gaat het hier prima zonder. De graat wordt kort even smaller om daarna weer wat breder te worden. Het wordt nu wel wat steiler en gelukkig houdt Sylvia ons scherp door voor te stellen om onze helmen te gaan dragen. Af en toe komt de top van de Lagginhorn vrij te liggen en zien we mensen op de top. We zien ook hoe hard de wind waait aan alle stuifsneeuw die opwaait. Zelf voelen we de wind ook steeds meer en daardoor begint het ook een heel stuk kouder te worden. We hebben inmiddels al onze laagjes aan.

Vanaf 3.500 meter hoogte wordt het meer en meer klimmen op de zuidgraat van de Lagginhorn

Op een hoogte van 3.850 meter stoppen we om onze stijgijzers aan te gaan doen en onze pickel te pakken. Voor ons zien we kleine sneeuwvelden liggen en de rotsen worden ook ijziger. De graat wordt hier nog een stuk steiler, maar nog steeds is het goed te doen zonder touw. We passeren wat kleine sneeuwvelden en klauteren voorzichtig met onze steigijzers over de bevroren rotsen. Voordat we naar de top kunnen moeten we eerst nog een groter sneeuwstuk overnemen. We zijn nog maar 100 meter onder de top, maar vanaf hier wordt het een echte beproeving. De ijzige wind beukt met 80 kilometer per uur op ons in. Ik weet niet of ik eerder in deze omstandigheden heb geklommen. Het is eigenlijk onmogelijk om nog met elkaar te kunnen communiceren. We zijn inmiddels ook aardig vermoeid en wandelen dus in een laag tempo omhoog.

Het laatste deel naar de top van de Lagginhorn gaat over een steil sneeuwveld.

Zodra we van het sneeuwveld af zijn is het nog maar zo’n 30 meter naar de top. We staan een klein beetje in de luwte van de wind, maar als we dadelijk boven zijn zal dat niet langer het gevoel zijn. We komen dus nog even op adem en vervolgen dan onze weg naar de top. Bovenkomen op de Lagginhorn is spectaculair. De graat is net groot genoeg om met zijn vieren op te staan en wegen elkaar een voorzichtige high-five. Vanaf hier kijken we recht naar beneden. Aan de overkant zien we Saas-Fee liggen onder een grote wolkenband die onder andere de Allalinhorn en de Michabel verbergt. De Weismiess komt af en toe in zicht, maar doordat er aan de oostkant van de Lagginhorn een grote stuifwolk hangt, zien we daar niets. We genieten kort van het uitzicht en onze prestatie (2 vierduizenders in 3 dagen) en laten dan snel de top van de Lagginhorn weer achter ons.

Topkruis Lagginhorn met uitzicht op Saas-Fee
De top van de Lagginhorn met uitzicht op Saas-Fee
De graat van de Lagginhorn met veel wolken

De lange weg terug

We dalen voorzicht af en dit keer besluiten we wel om het touw te gebruiken. Stapje voor stapje dalen we af in de gure wind. Dertig minuten later staan we weer onder de laatste sneeuwvelden en pakken we ons materiaal weer in. We zijn flink afgekoeld, maar hier staan we weer een beetje uit de wind en komen we op temperatuur. We komen nu steeds meer mensen tegen die ook op weg zijn naar boven. Voor ons ligt nu alleen nog maar de afdaling voor ons. Vanaf deze hoogte is de afdeling niet ontzettend moeilijk meer, maar het duurt nog wel even voordat we weer terug zijn bij Hohsaas. De terugweg over de graat en de traverse is niet makkelijker als je vermoeid bent en na 8,5 uur zijn we dan ook behoorlijk op. Gelukkig zijn we dan bij de hut en deze keer nemen we wel de kabelbaan om naar beneden te gaan.

Vanuit de kabelbaan kijken we met veel trots op de Lagginhorn die nu in de verte verdwijnt. De beklimming was mooi en spectaculair door de weersomstandigheden. Het was een stuk rustiger dan op de Allalinhorn en voelde daarom meer als een serieuze bergtop. De gletsjers en sneeuw ontbraken dan misschien wel op deze vierduizender, maar dit voelde als een echte overwinning. Tegelijkertijd was het klauteren goed te doen en daardoor prima geschikt voor beginnende alpinisten (die weten wat ze doen). Denk jij er nog wel eens over na om een vierduizender te beklimmen? Dan is de Lagginhorn misschien wel wat voor jou!

Rens, Sylvia en Ron op de top van de Lagginhorn (4.010m)

Bekijk deze beklimming in 3D

Dit is ook iets voor jou